
Home > Nederland > Noord Nederland ontdekken > Reisverslag dag 7
20 juni - 4 juli 2021 (15 dagen)
Franeker is één van de oudste Friese steden. De oorsprong van de stad voert terug tot 734. In 1402 verwierf Franeker stadsrechten. Net als veel andere steden leefde Franeker van de handel over water. Het vervoer over het water was eeuwenlang het meest effectieve vervoermiddel. Langs de grachten verschenen in de zestiende en zeventiende eeuw prachtige herenhuizen en fraaie pakhuizen. Aan de Zilverstraat staat Het Korendragershuisje. Een klein gebouwtje waar vroeger het graan gewogen werd. Via de Groenmarkt wandelen we naar het Raadhuisplein. Het stadhuis is misschien wel het mooiste gebouw van de stad. Het renaissance gebouw uit begin 1600 is nog altijd als stadhuis in gebruik. Op de gevel staat het beeld van Vrouwe Justitia afgebeeld. Vroeger werd ook recht ge-sproken in het gebouw. Wanneer een uitspraak gedaan was, werd het via de kleine erker aan de zijkant medegedeeld aan het volk. Voor het stadhuis staat het standbeeld van Eise Eisinga. Om aan te tonen dat de aarde niet zou vergaan, doordat de planeten Mercurius, Venus, Mars, Jupiter en de Maan dicht bij elkaar stonden, bouwden hij in 1774 een planetarium in zijn woonkamer. Hij liet zien hoe de banen van de verschillende planeten verlopen en hoe planeten zich ten opzichte van elkaar verhouden. Hij heeft zeven jaar aan zijn project gewerkt. Het planetarium van Eise Eisinga is het oudste nog werkende planetarium ter wereld. Door middel van tandwielen draaien de planeten om elkaar. Het is verbazingwekkend hoe hij in die tijd erin slaagde het planetarium zo nauwkeurig te maken. Begin 1800 kreeg hij bezoek van Koning Willem I. De eerste koning van de Nederlanden was zo onder de indruk dat hij de staat het planetarium liet aankopen. Later ging het over in de handen van de stad Franeker. Hierdoor kan tot vandaag het planetarium getoond worden aan publiek.
Franeker was ook een universiteitsstad. Na Leiden was Franeker de tweede universiteitsstad van het land. In het centrum staan verschillende panden die behoorden tot de universiteit. Als laatste bezoek ik de Martinikerk. Het is de eerste kerk sinds de corona lockdown die weer open is voor bezoek. Al sinds het begin van het ontstaan van Franeker is er een kerk geweest op deze locatie. De kerk is veelvuldig verbouwd en uitgebreid. Hierdoor zijn de ramen en de spanten ongelijk. Ik sluit de rondwandeling door Franeker af en keer terug naar mijn auto. In een klein half uurtje rijd ik naar het natuurgebied Alde Feanen. Ik ben nog te vroeg om in te checken. Ik stop bij het Skûtsje museum. Ik word vriendelijk onthaald. Helemaal als ik laat ontvallen dat ik uit Voorhout kom, nabij Warmond. Ieder jaar houden de Friese skûtsjes een strontrace vanuit Workum naar Warmond en terug. Een vrijwilliger legt uit hoe het skûtsje gebouwd werd. Hij laat ook enkele typische voorwerpen van het schip zien. Bij een foto van een omgeslagen zeilschip vertelt hij dat zo’n schip met behulp van een sleper binnen een half uur de wedstrijd weer kan voortzetten. Spanzeilen over de romp voorkomen dat water in de romp van het schip stroomt. Een andere vrijwilliger is als smid aan de slag. U komt uit Warmond?, vraagt hij mij. Er is over mij gesproken. Hij toont zijn naambordje met de naam ‘Wassenaar’. Mijn voorvaderen komen daar ook vandaan. Hij vertelt dat hij de ijzeren onderdelen voor skûtsjes maakt. Alle onderdelen worden met de hand gemaakt. Trots vertelt hij dat hij 83 is en dit werk met veel plezier doet.
Hij toont enkele onderdelen voor de zeilschepen die hij gemaakt heeft. Allemaal vakwerk. Ik bedank de vrijwilligers voor hun uitleg. Buiten tref ik Marco. Hij had vertraging omdat het pontje vol was. Vanwege corona mochten er maar zes fietsers mee. We waren van plan om te gaan varen door het natuurgebied de Alde Feanen. Er blijkt geen boot meer beschikbaar. Bij een tweede verhuurder ligt nog wel een boot, maar dan hebben we nog maar tweeënhalf uur de tijd. Hiervoor betalen we wel de dagprijs. De eigenaar raadt het af. We besluiten een boot voor morgenochtend te reserveren en vanmiddag te gaan fietsen. De pontjestocht naar Grou schijnt erg mooi te zijn. We volgen de route tot aan het eerste pontje bij Warden. Er staan al veel mensen te wachten en we kunnen niet meer mee. Achter ons doemen donkere wolken op. Er dreigt ook regen. We besluiten om niet twintig minuten te blijven wachten op de volgende pont, maar om de route aan te passen. We rijden over het smalle fietspad richting Garyp. Het begint al te spetteren. Onder het viaduct van de N31 houden we even stil, terwijl de regen door zet. Na de ergste bui rijden we verder naar Garyp. Via de fietsknooppunten rijden we verder naar Oudega. Het is weer droog en de zon komt alweer voorzichtig door. Op een terrasje worden snel de stoelen droog gemaakt voor ons. We nemen een biertje. Vanuit Oudega is het nog vijf kilometer terug naar Earnewald waar we overnachten. We passeren het restaurant de Meerpaal. Hier hebben we gereserveerd voor vanavond. We zijn alleen veel vroeger. Dit blijkt geen probleem. Op het terras genieten we van ons eten met een Fries lokaal biertje.
Tenslotte komen we aan bij ons overnachtingsadres. We overnachten op de MSK Friesia. Heidi heet ons welkom. Ze vertelt dat het schip gebruikt werd voor rondvaarten, maar dat zij afgelopen jaar het schip omgebouwd hebben tot Bed and Breakfast. Er zijn drie kamers aan boord. Wij slapen op het bovendek. Het gedeelde sanitair is benedendeks. Een leuke plek om te overnachten. Op het terras op het achterdek zien we de zon aan de horizon dalen. We kijken uit over het brede water van de Alde Feanen.