
Home > Griekenland > Antiek Griekenland > Reisverslag dag 7
7 - 21 juni 2019 (15 dagen)
Ik verlaat het eiland Lefkas weer via de pontonbrug, die de smalle doorgang tussen het vaste land en het eiland Lefkas verbindt. In feite is de pontonbrug niets meer dan een veerboot, die beide oevers raakt als de laadkleppen naar beneden gaan. Als een boot moet passeren, vaart de veerboot even op zij. Voorzichtig rijdt de bus over de brug. Op het vast land zetten we koers naar Delphi. Vandaag zal vooral een reisdag worden door het prachtige Griekse landschap. Bij Vonitsa komen we uit bij de Ambracian binnenzee. Vanaf de pier bekijk ik het hoger gelegen Venetiaans fort. We volgen de binnenzee richting Amfilochia. Hier is tijd voor koffie. Ik heb net al in de bus gezeten en besluit een rondje te lopen. Ik bekijk de winkeltjes. Vriendelijk zeg ik enkele oudere mannen gedag op het terras. Ik hoor een kerktoren luiden. Door de smalle straatjes kom ik uit bij de kerk. Schoolkinderen hebben een sportdag op het kerkplein. Ik wandel terug naar het meer. Nafpaktos is een plek waar in 1571 zwaar gevochten is. De samenwerkende troepen van de Habsburgers, de Venetianen en de Spanjaarden vielen de Ottomanen aan en versloegen hen bij de Battle of Lepanto.
Het imposante fort boven de stad herinnert aan deze tijd. In het pittoreske haventje springen kinderen van de steiger in zee. Anderen genieten van de zon op het kiezelstrand. Omdat ik maar een half uurtje heb voor Nafpaktos, loop ik snel de trappen op naar de citadel. Vanaf de kasteelmuur heb ik een mooi uitzicht over de stad en over de Golf van Korinthe. Ik loop naar de klokkentoren van Babylon. De toren is vol graffiti gespoten. Wat is dit jammer. Via smalle straatjes en trappetjes kom ik weer terug bij de haven. Even verder langs de kustlijn pauzeren we voor de lunch. Daarna volgt het laatste stukje naar Delphi. Net voor het binnenrijden heeft Jessy een vervelende mededeling. Mantos, de chauffeur is vandaag voor het laatst. Zij geeft aan dat dit soms voor komt bij reizen die wat langer duren. Mantos is zichtbaar aangeslagen en geeft aan niet te begrijpen waarom hij weg moet. Hij zou geen goede chauffeur zijn. Met bijna tranen in zijn ogen zegt hij dat hij dit in tien jaar nog nooit meegemaakt heeft. Ik heb met hem te doen als ik bij het hotel afscheid van hem neem. Ik bedank hem voor de Griekse woordjes die hij mij geleerd heeft. De achterliggende reden blijft ook voor mij onduidelijk. Net buiten Delphi ligt de tempel van Athena Pronaia. Dit is misschien wel de meest bekende afbeelding van Delphi. Ik wandel er in een half uurtje naar toe. Drie pilaren van een ronde Tholos tempel staan nog overeind.
Ronde bouwwerken zijn zeldzaam in de oude Griekse bouwkunst. Bij de tempel staat een informatie bord. Ook aan de minder validen is gedacht. Een ijzeren bordje met braille code. Nu is het al een uitdaging om het rotsachtige pad te nemen als je slecht ziet, maar als je vervolgens je vinger over een ijzer bord moet halen dat al de hele middag in de brandende zon staat? Wie bedenkt zo iets? ‘s Avonds na het eten drink ik nog een biertje op een terras en laat de sfeer van Delphi op mij inwerken. Morgen ga ik de heilige tempel van Apollo bezoeken. Ik kijk er naar uit.