
Home > Pakistan > De Hunza vallei in Pakistan > Reisverslag dag 16
30 augustus - 19 september 2024 (21 dagen)
Vandaag zijn er twee opties in het reisprogramma. Voor de liefhebbers is er een redelijk pittige wandeling te maken vanuit het dorp Gulmit. Deze wandeling begint met een klim over ruim 1600 traptreden. Daarna loopt de route naar een gletsjer. Uiteindelijk komt de route bij het Borith meer uit. De andere optie is om met de auto naar dit meer te rijden en een wandeling rond het meer te maken. Ik kies voor de tweede optie. Dit betekent dat ik vanochtend meer tijd heb. De wandelaars vertrekken om acht uur bij het hotel. Ik schuif op dat tijdstip aan voor het ontbijt. Om tien uur rijden we met de auto naar het Borith meer. Het is vandaag bewolkt en er staat een flinke wind. Gelukkig is het wel droog. Bij het meer is het wat onduidelijk wat de bedoeling is. We kunnen rond het meer lopen, maar we kunnen ook de wandelaars tegemoet lopen. Alleen is het onduidelijk welke richting dit is. We kiezen ervoor om rond het meer te lopen. Onderweg wijst een boertje ons op een zijpad. Dit pad moeten we hebben om rond te lopen. Aan het einde krijgen we ook aanwijzingen hoe we weer bij het hotel kunnen komen. Hier zullen we straks ook lunchen. Ik bestel koffie en wacht op de actievere wandelaars.
We hadden de groep rond twaalf uur verwacht, maar zij arriveren één uur later. Hierdoor kunnen we pas na één uur aan de lunch beginnen. Na de lunch rijden we vanaf het hotel nog een stuk de vallei in. Een onverhard pad van ongeveer vier kilometer. Het pad eindigt vlak bij de Passu gletsjer. Dit is de gletsjer die we gisteren ook vanaf de Karakoram Highway konden zien. Vanaf het parkeerterrein loopt een zandpad omhoog. Na ongeveer tien minuten kom ik bij het uitkijkpunt. De witte ijsmassa is prachtig om te zien. Een stukje verder is nog een tweede uitzichtpunt. Hier kunnen we ook afdalen tot op aan ijs. Ik besluit met enkele reisgenoten om af te dalen. Het pad loopt over de rotsen. Voorzichtig stap ik van rots naar rots. Bij een smal stukje glijd ik uit over het losse grind. Ik beland op mijn kont. Gelukkig glijd ik niet verder naar beneden. De gidsen komen aangesneld en vragen of alles goed is. Eigenlijk schoof ik enkel op mijn kont.
Wanneer we onderaan gekomen zijn, klimmen we tegen het ijs weer omhoog. Het ijs is hier een mengeling van stenen, rotsen en ijs. Soms is het glad, soms is het een beetje drassig. Het is lastig in te schatten wanneer het glad of instabiel is. Ik word goed in de gaten gehouden en regelmatig wordt een helpende hand uitgestoken. Op de gletsjer is de ijsmassa meer wit en minder vermengd met gruis. Bij een gletsjerspleet liggen enkele grote stenen die een soort brug over de spleet vormen. Is dit wel stevig?, vraag ik de gids. Hij antwoordt bevestigend. Wanneer ik mijn voet op het rotsblok zet, valt het rotsblok in de drie meter diepe spleet onder mij. Mijn been bungelt in de gletsjerspleet. Gelukkig heeft mijn andere voet nog grip. Ik zie het smeltwater onder mij stromen. Cherry heeft mijn hand vast en trekt mij terug op het ijs.
Bij deze actie moet ik goed opletten dat de rand niet verder afbrokkelt en ik alsnog in het ijswater beland. Een beetje geschrokken sta ik weer op de gletsjer. Via een andere route lopen we alsnog naar het bredere stuk van de gletsjer. Ik moet er maar niet te veel aan denken wat er gebeurd zou zijn als ik wel in de spleet gevallen zou zijn. Op de gletsjer maken we verschillende foto’s. Ook raak ik in gesprek met enkele Pakistaanse mannen. Zij doen de trip naar het ijs op slippers. Hoe krijgen ze dit voor elkaar? Voorzichtig loop ik weer van het ijs af en begin de beklimming terug naar boven. De reisgenoten die niet meegegaan zijn, zijn al terug naar het hotel. Twee wagens zijn achtergebleven om ons te vervoeren. In het hotel bestel ik het eten voor de avond. Ook vandaag smaakt dit weer prima. Na het eten rekenen we het eten van de afgelopen dagen af. Morgenochtend verlaten we het hotel en gaan we naar de Shimshal vallei.