
Home > Suriname > Rondreis Suriname > Reisverslag dag 8
20 sept t/m 12 okt. 2006 (23 dagen)
Vandaag laten we opnieuw de hoofdbagage op de hotelkamer en vertrekken we voor één nacht met berpekte bagage. Vandaag en morgen maken we een uitstapje naar Brownsberg. We rijden al om acht uur Paramaribo uit richting het zuiden. Bij het Clarence Seedorf stadion houden we een korte stop. Seedorf heeft dit stadion naast het huis van zijn ouders laten bouwen om het voetbal te stimuleren in Suriname. Waarschijnlijk traint hij hier ook op strafschoppen. Even verderop passeren we de Suralco fabriek. Bij de Suralco fabriek houdt ook het asfalt op en gaat de weg over in een soort gravel, een restproduct van Bauxiet. Het gravel stuift op en snel doen we alle ramen dicht. Het stof blijkt toch door de kieren van de bus te komen en al snel kleurt alles oranje. Onderweg passeren we veel vrachtwagens op weg naar de fabriek. Nadat een vrachtwagen gepasseerd is, rijden we door één mist van oranje stof. De chauffeur rijdt de bus simpel langs de vele kuilen in de weg. Na twee uur hobbelen en stuiteren over de onverharde weg, arriveren we op de top van de Brownsberg in het natuurpark. Het is inmiddels half twaalf. Ons huisje heeft een prachtig uitzicht over het Brokopondomeer, het grote stuwmeer ter grote van de provincie utrecht.
We wandelen eerst naar een uitkijkpunt. Glyde, onze gids op de Bronwsberg, geeft uitleg over de flora en fauna. Op de terugweg zien we een grote groep apen vlak bij ons huisje door de boomtoppen voorbij trekken. In het restaurant lunchen we met rijst, bonen, een soort spinazie en andere lokale gerechten. Het “kattenhaar” leek op een soort aardappel, maar smaakte er niet naar. Een nogal droge bal en was niet echt lekker. 's Middags maken we een wandeling door het natuurpark. We wandelen naar de Irene waterval. De waterval ligt 400 meter lager in hoogte en de route er naar toe is soms behoorlijk steil. Dat belooft wat voor de terugweg. We wandelen langs prachtige woudreuzen met enorme wortelstructuren. Het enige nadeel zijn de vele steekvliegen die ons ongevraagd willen vergezellen. Vooral donkere kleding vinden zij fijn. Bij de waterval vullen we de waterflessen weer. Dit zullen we nodig hebben voor de terugweg. De klim is behoorlijk pittig, maar gestaag beklimmen we de trappen omhoog. Rond zes uur is iedereen weer boven, ruim op tijd voordat het donker wordt. Inmiddels was het huisje schoon gemaakt. Iedereen zoekt een slaapplaats uit in een van de kamers. 's Avonds eten we een soort gevulde soep met redelijk wat zout erin. Na het eten zitten we op de veranda tot bedtijd.