|
Vorige - Overzicht - Frans Guyana/Suriname - Volgende Donderdag 28 september 2006 Brownsberg - Witi Kreek - Paramaribo We worden wakker van een vroege wekker. Er waren ons mooie verhalen vertelt van de zonsopgang op Brownsberg. Naar buiten kijkend zien we weinig van een mogelijke zonsopgang. Het is mistig boven het meer. We kunnen ons dus nog gewoon even omdraaien. Na het ontbijt lopen we naar de Witi Kreek. Dit zou een wandeling zijn van twee uur heen en twee uur terug door de jungle. De route loopt minder steil dan de wandeling van gisteren. Al direct duikt het pad de jungle in en ook vandaag is het weer prachtig om tussen de woudreuzen te lopen. Onze rasta-gids gaf uitleg over de bomen. Grappig dat alle gidsen hetzelfde vertellen over dezelfde bomen. De tocht naar de Witi Kreek is bijna vier kilometer. Het pad gaat geregeld op en neer en af en toe houden we even pauze om op adem te komen. Ook ’s morgens is het behoorlijk warm om te wandelen. Af en toe maakt het pad een flinke afdaling naar beneden. Dat belooft nog wat voor de terugweg. Na iets meer dan anderhalf uur lopen komen we uit bij de Witi Kreek. Een open plek in het bos met helder water. Hier duiken we direct in. Het water is wat koud, maar zodra we door zijn is het heerlijk zwemmen. Het water is niet zo helder dat we onze flessen kunnen vullen met water. Na deze korte pauze lopen we dezelfde weg weer terug naar ons huisje. Met name sommige steile stukken zijn pittig om te beklimmen, maar de omgeving maakt veel goed. Het laatste stuk van de tocht werd ook het zwaarst. Mijn waterfles is leeg en iedereen loopt in zijn eigen tempo de laatste honderden meters omhoog. Het weerzien van het kampterrein is prettige ervaring. Gelukkig staat de lunch klaar en kunnen we direct aanschuiven. Na de lunch verlaten we de Brownsberg weer. We pakken de spullen in en stappen in de bus. Via de oranje gravel weg komen we hobbelend weer bij de Suralco fabriek. Hier sluiten we aan in een lange rij busjes die de werknemers van de fabriek naar huis rijden. Zo ver je kunt kijken rijden de kleine busjes. Op weg naar Paramaribo slaan ze links en rechts af om de werknemers af te zetten. Guy heeft ons verteld dat het programma voor de komende dagen veranderd zou worden. De overnachting in Galibi van de vorige Sawadee-groep was niet goed bevallen. De overnachting was daarom omgeboekt naar een ander resort, maar hier konden we niet direct terecht. Daarom doen we het jungleprogramma in omgekeerde volgorde. We vliegen morgen met een binnenlandse vlucht naar Drietabbetje, varen stroomopwaarts en vervolgens stroomafwaarts tot Galibi. Dit betekent ook dat morgen maar een beperkte hoeveelheid bagage meegenomen mag worden in het vliegtuig en mijn plan om na de jungletocht spullen achter te laten niet door gaat. Tot overmaat van ramp blijkt het maximale gewicht aan bagage geen 7 kilogram te zijn, maar zes. Dat wordt puzzelen. Terug in het hotel pakken we de echt noodzakelijke bagage in. Om zeven uur kunnen we met een kleine weegschaal de bagage wegen. Ik heb mijn fototoestel al buiten de bagage gehouden en de bergschoenen trek ik aan. Toch blijk ik net te veel bij me te hebben. Nog een keer kritisch naar de bagage kijken en het overbodige achterlaten. Uiteindelijk komt iedereen onder de grens van zes kilogram. ’s Avonds gaan we met het taxibusje het centrum in. Onderweg stappen we uit om geld te wisselen. We eten vlees-pon bij het terras van eergisteren aan de waterkant. ’s Avonds laten we ons met de taxi naar het hotel brengen.Vrijdag 29 september 2006 Paramaribo - Drietabbetje De nacht was er een om snel te vergeten. Het eten van de avond er voor was klaarblijkelijk niet goed gevallen en leverde een stekende pijn in maag en darmen op. Misschien een geluk bij een ongeluk kwam het eten er ’s nachts ook allemaal uit. Kortom, nauwelijks geslapen en een vooruitzicht om ziek, zwak en misselijk de jungle in te gaan maakte mij ook niet al te blij. Om zes uur liep eindelijk de wekker af, al voel ik me nog helemaal niet lekker. De bagage voor de jungletocht en de overige bagage brengen we naar beneden. Omdat we elf dagen op pad zijn, kan de bagage niet in de kamers blijven staan. Na het ontbijt – voor mij alleen thee – verlaten we om half acht ’s morgens het hotel en rijden naar de luchthaven Zorg en Hoop in Paramaribo. Alleen de naam al schept vertrouwen. De bagage wordt gewogen en blijft onder de limiet. We hadden, inclusief de flessen rum voor de stammen, 92 kilogram bij ons. Ook wijzelf worden gewogen. In groepjes van vijf stappen we op de weegschaal (wel zo discreet) en het totaalgewicht wordt genoteerd. Al met al blijven we onder vooraf opgegeven gewicht. Het vliegtuigje is een klein 20-persoons vliegtuig. Om kwart voor negen stijgen we op en al snel zien we Paramaribo onder ons verdwijnen. De Suriname Rivier was goed te zien vanuit de lucht. Het oerwoud heeft veel weg van een groot broccoliveld. Tussen de broccoli door was de oranje/rode weg naar Brownsberg goed zichtbaar. Even na half tien landen we om de airstrip van Drietabbetje. De bagage wordt snel uitgeladen en nog geen tien minuten later stijgt het vliegtuigje met nieuwe passagiers al weer op voor een vlucht naar Paramaribo. Op de airstrip ontmoeten we John en zijn crew. John heet ons welkom in Drietabbetje en stelt de bemanning voor de komende dagen aan ons voor. We stappen in een klaar liggende Korjaal. De boot is niet groot genoeg voor de hele groep. Daarom worden we in twee groepen naar de overkant van de rivier gevaren. Hier komen we in het dorpje Drietabbetje aan. Drietabbetje is een bosnegerdorp waar de tijd stilgestaan heeft. In mijn eerste indruk had ik het gevoel in een film te lopen. Rond tien uur ’s morgens is iedereen bij de overnachtingplaats aan de rivier. Na een mok limonade stappen we al snel weer in de boten. Dit keer zijn er twee boten beschikbaar en varen we een stukje stroomafwaarts om op bezoek te gaan bij de Sjamaan. De Sjamaan is een soort Toverpriester. Hij richt zijn op de krachten in de natuur en geestenwereld. Met rituelen roept hij krachten op om bijvoorbeeld boze geesten te verdrijven. De Sjamaan maakt onderdeel uit van de Winti religie. Bij het dorp aangekomen moest de bemanning eerst toestemming vragen of wij het dorp mochten bezoeken. Bij de centrale plek zien wij de Sjamaan. Na toestemming – een fles rum doet wonderen – mogen wij de Sjamaan ontmoeten en stellen ons één voor één aan hem voor. Na het voorstellen staat de Sjamaan op en houdt een lang verhaal richting John. Wij kunnen hier weinig van volgen. Wel onderscheiden we “bakra” (vreemdelingen) en de toon klonk soms dreigend. John hoort het allemaal aan en zal ons waarschijnlijk nooit helemaal vertellen waar hij het over had. Na de toespraak krijgen we allemaal een slokje rum en maken we een groepsfoto met de Sjamaan. Daarna was het tijd voor de Sjamaan om te starten met de bijeenkomst. De Sjamaan ontvangt vrouwen die zaken opbiechten. Bij het verdrijven van de geesten worden sommigen in trance gebracht. Zij lopen rond, roepen of schreeuwen. Ook worden geesten verdreven door rum over hen heen te spugen. Het hele schouwspel is een bijzondere ervaring om het mee te maken, maar het komt wel vreemd over. Al is het alleen al omdat het voor ons niet altijd duidelijk is wat er precies gebeurt. Na zo’n twee uur bij de Sjamaan geweest te zijn, varen we weer terug naar Drietabbetje en nemen de lunch. We hebben enkele uren vrij in het programma. Ik besluit in mijn hangmat wat van de gemiste slaap in te halen van vannacht. Anderen volgen dit voorbeeld, nemen een lekkere duik in de rivier of bezoeken de plaatselijke kroeg (of wat daar voor door moet gaan). Aan het einde van de middag leidt John ons door Drietabbetje. Drietabbetje heeft ongeveer 1500 inwoners. De meeste huizen staan op palen ter bescherming tegen hoog water. Tijdens de hoog water periode eerder dit jaar is het centrum van Drietabbetje ontsnapt. Wel stond er water op de plek waar wij nu slapen. Gelukkig is het de droge periode. Tijdens onze wandeling hebben we veel bekijks en vooral de plaatselijke jeugd wil graag op de foto en natuurlijk terugkijken op de digitale camera. Op de terugweg worden we attent gemaakt op een wild zwijn in de buurt van het dorp. Wij lopen een stukje terug en zien het beest op een bospad. Hij duikt de bossen in. Pogingen van Jan om het beest te lokken mislukte. Terug bij ons onderkomen was het eten gereed. Bij kaarslicht genieten we van een heerlijke maaltijd. ’s Avonds gaan we vroeg naar ons hangmat om te slapen.Vorige - Overzicht - Frans Guyana/Suriname - Volgende |