|
Vorige - Overzicht - Nepal/Tibet - Volgende Dinsdag 25 september 2007 Lhasa - Drigung Til Klooster Als ik ’s morgens wakker word, duik ik onder de warme douche. Aansluitend neem ik een goed ontbijt in het hotel. Ik ben weer klaar voor een twee-daags uitstapje buiten Lhasa. Voor het hotel staat de bus al klaar en we laden de bagage in. Ook zijn er enkele dozen water aangeschaft voor onderweg. Goed drinken blijft belangrijk en we hebben meer dan honderd liter in de bus staan. In het centrum van de stad moeten de lunchpakketten nog opgehaald worden. De bus kan hier niet parkeren en er wordt streng gelet op illegaal parkeren. Daarom rijdt de chauffeur de bus in de inham van het hotel. Steekt de bus veelvuldig voor- en achteruit. Daarna herhaalt hij het kunstje enkele honderden meters verder. Dat hij hier het fietspad blokkeert schijnt weinig uit te maken. Na enkele manoeuvres in de drukke straat is er voldoende tijd gerekt om de lunchpakketten op te halen. Iedereen stapt weer in de bus en we gaan op weg. Vandaag rijden we naar het Drigung Til Klooster. We rijden hiervoor Lhasa uit, maar dit keer via een andere weg als de vorige keer. We verlaten Lhasa nu in het noord-oosten. Vlak voor de controlepost houdt de chauffeur stil en moeten we wachten langs de kant van de weg. De bus heeft te hard gereden over het achter ons liggende traject. Als de bus te snel bij de controlepost komt, leidt dat tot een snelheidsboete. In het plaatsje onderweg maken we een korte wandeling door het dorpje. Het dorpje is niet veel meer dan één straat met winkeltjes en handel. Aan de andere kant van het dorp pikt de bus ons weer op. Een stuk verder op de route stoppen we voor de lunch. Op een grasveldje eten we de lunchpakketten op. Al snel worden we gadegeslagen door twee jongens die in de buurt aan het spelen waren en oude vrouwtjes komen langs om te kijken of er wat te halen valt. Na de lunch rijden we door naar het Drigung Til Klooster. Op de berghellingen onderweg zien we steeds meer yaks staan. Vooral de grotere yaks met lange haren zijn indrukwekkend om te zien. We rijden ook door kleine pittoreske dorpjes. Het lijkt ons leuk om hier door heen te wandelen, maar de chauffeur rijdt liever door. De lucht is dreigend en hij is bang dat regen de weg naar het klooster onbegaanbaar maakt. Misschien wil hij ook wel niet dat zestien toeristen met camera’s door zo’n dorp struinen. Vanuit de bus valt ons op dat veel gewerkt wordt met yak-plakken. De plakken van yak-stront en stro worden als isolatie gebruikt op het dak. Wij dopen dit al snel om in een “yak-plak-dak”. Als we het klooster in de verte tegen de berghelling zien liggen, stappen we uit. Diegene die het leuk vinden, kunnen de laatste meters via een smal paadje omhoog lopen. Het is wel een hoogteverschil van 200 meter tot het klooster op 4.300 meter. Het is een pittige en soms steile klim maar het uitzicht over de vallei en het klooster is mooi. Het klooster ligt verder dan ik verwacht had. Ik heb me duidelijk verkeken op het hoogteverschil. Desondanks bereik ook ik het klooster. De bus staat dan al voor het guesthouse geparkeerd. Het guesthouse is sober en de kamers zijn primitief. Wij slapen met z’n vijven in één kamer, de andere kamers zijn tweepersoonskamers. Verder hebben we één grote kamer om te eten. Het toilet is op de binnenplaats en is niet veel meer dan een gat in de grond. Het valt niet mee hier naar toilet te gaan. Het toilet is ranzig en stinkt. ’s Middags wandelen we onder leiding van gids Gonbo de kora om het klooster. Gonbo heeft zelf in dit klooster gewoond, dus hij kan ons hier veel van de tempel en het klooster vertellen. De kora loopt ook langs de sky-burial plaats op 4.450 meter hoogte. De overledenen worden hier op de top van de berg neergelegd voor de gieren. De begrafenissen vinden ’s morgens plaats, maar het heeft toch iets lugubers om deze plek zo te bekijken. Omdat het absoluut not done is om van deze heilige plaats foto’s van te maken hebben we alle camera’s in het guesthouse achtergelaten. Hoewel Gonbo ons niet wil verbieden foto’s op de top te maken (wel van de sky-burial zelf overigens), is hij duidelijk opgelucht dat wij geen camera’s bij ons hebben. Via de andere kant van de berg lopen we weer naar beneden en lopen tussen de huizen op het kloostercomplex door. Hier wordt hard gewerkt aan de renovatie van het klooster. ’s Avonds eten we noodles met brood, tonijn, tomaat en komkommer. We praten nog wat na en langzaam verdwijnt iedereen naar zijn slaapzak. Terwijl ik in mijn bed stap realiseer ik me dat ik nog nooit zo hoog geslapen heb.Woensdag 26 september 2007 Tidrum Nunnery - Ganden Klooster Ik heb vannacht prima geslapen. Het was zo rond de vijf graden, maar diep in de slaapzak heerlijk warm. Ik pak mijn spullen weer in en maak tijdens het ontbijt ook een lunchpakket. Daarna brengen we de bagage weer naar de bus. Voor het klooster is een begrafenisceremonie aan de gang. Van een discrete afstand aanschouwen we de plechtigheid. Even later wordt de overledene via het wandelpad naar de top van de berg gedragen. Vanaf onder zien we de gieren al rondcirkelen in de lucht. Het blijft iets bizars. Gonbo, onze gids, heeft ons uitgenodigd in zijn ouderlijk huis in het dorpje bij het klooster. Als we de berg afrijden stuiten we op een vrachtwagen met pech. Wij helpen de wagen duwen, tot we ons realiseren dat achterin een lijk ligt voor een begrafenis. Gelukkig is de vrachtwagen dan net weer gestart. Bij Gonbo thuis worden we vriendelijk – op de hond na – onthaald. We worden welkom geheten en krijgen boterthee aangeboden. Ik heb vooraf veel gelezen en gehoord over de Tibetaanse boterthee. De boterthee is inderdaad niet lekker. Het lijkt een beetje op champignons crème soep en dat probeer ik me qua smaak ook voor te stellen (helaas). Erger is dat de kom aangevuld wordt zodra er maar een slok uit is. Beleeft weiger ik dit. Gelukkig wordt even later de thee aangevuld met warme melk. Dit maakt de smaak een stuk aangenamer. Nadat we afscheid genomen hebben van Gonbo’s familie wandelen we door het dorpje en brengen een bezoek aan zijn voormalige lagere school. Van het schoolhoofd mogen we ook enkele klassen bekijken tot groot plezier van de kinderen. De Chinese opzichter van de school is echter minder enthousiast en spreekt Gonbo vermanend toe. Hoe heeft hij ons in zijn school mee kunnen nemen? Het is verboden voor toeristen om in openbare gebouwen te komen. Hij belooft Gonbo een flinke boete. Terug in de bus is Gonbo duidelijk aangeslagen door het gebeuren en dat op zijn eerste gids-tocht. Via de bergen konden we naar de hotsprings wandelen. Althans dat kon volgens de reisbeschrijving. Volgens de chauffeurs kan dat helemaal niet en ze rijden er linea-recta met de bus naar toe. Dit is niet wat wij willen en wij stappen uit om de laatste vijf kilometer zelf te wandelen over de weg. De chauffeurs begrijpen niet dat wij willen wandelen, terwijl wij er ook met de bus kunnen komen. Onderweg zien we leuke huisjes, mooie rotspartijen, kinderen die ons enthousiast tegemoet komen en regelmatig staat een yak langs de kant van de weg. De weg loopt omhoog en langzaam klimmend bereiken we het plaatsje Tidrum. Bij de parkeerplaats nemen we bezit van een grasveldje en nemen hier onze lunch. Het grasveldje is niet geheel vrij van afval en het is dan ook niet de meest vrolijke lunchplaats. Wel hebben we leuk uitzicht over de huisjes van Tidrum aan de overzijde tegen de berg aan. Na de lunch lopen we het dorp in richting de warmwaterbronnen. De mannen en vrouwen baden gescheiden. Het omkleden vindt gewoon plaats naast het bad en wij trekken de nodige belangstelling. Zeker omdat Tibetanen geen haren op armen, benen en borst kennen. Sommigen willen uitproberen of het echt vast zit. Onwennig nemen wij plaats in het erg warme water. Glimlachend kijken wij naar de Tibetanen en zij naar ons. Eén van hen wijst ons op een kleine slang tussen de stenen in de wand. Met gebarentaal komen we er achter dat het beestje niet gevaarlijk is. Ook vanaf de zijkant komen veel inwoners een kijkje nemen in het bad. Na een kwartiertje in het warme water vinden we het genoeg en kleden ons weer aan. We lopen door Tidrum en bezoeken het nonnenklooster. Het gebed van de monniken blijft mij boeien, al heb ik steeds minder aandacht voor de tempel op zich. Vooral de sfeer van een tempel spreekt mij aan. Door het bad zijn we slaperig geworden, zeker als we weer in de bus richting Ganden rijden. De route is hetzelfde als de weg van gisteren. Op dat moment doet Gonbo een dvd over Tibet in de dvd-speler en wij zien prachtige beelden waar we allemaal ook geweest zijn. Voor het geluid is het wat behelpen. Voor in de bus is het geluid in het Chinees, achterin Engels (linker- en rechterkanaal). Zodra de minder bekende plekken in beeld komen, sluit ik de ogen. Bij de afslag naar Ganden is iedereen weer wakker. Vanuit de vallei rond de 3.600 meter, rijdt de bus via de haarspeldbochten naar het Ganden Klooster op 4.500 meter. Naarmate we hoger komen hebben we een steeds mooier uitzicht over de vallei en zien we het klooster al tegen de bergtop liggen. Als we door de poort naar binnen rijden, blijkt er in het guesthouse geen plaats meer te zijn. Er wordt overlegd met de aanwezigen monniken. Misschien kan een nieuw onderkomen uitkomst bieden, maar de sleutel-eigenaar is momenteel niet aanwezig. We besluiten eerst te gaan eten. Het menu is beperkt en komt neer op een keuze uit verschillende soorten noodles met warm water. Na het eten is de sleutel aanwezig en we kunnen in het – eigenlijk nog niet opgeleverde – complex intrek nemen. De douche geeft nog wel koud water, want de boiler staat nog in de kartonnen doos op de grond. ’s Avonds hebben we een rondwandeling gemaakt over het complex. We klimmen helemaal naar boven en daarvandaan hebben we een prachtig uitzicht aan de andere kant van de berg over de vallei. Terwijl de schermer intreedt lopen we via een smal pad om de berg heen om uiteindelijk net voor het donker weer bij het Ganden Monastery uit te komen. ’s Avonds heb ik Gonbo uitgelegd hoe je een internetpagina kan opzetten voor klooster waar hij mee helpt aan de restauratie. Om tien uur ga ik naar bedVorige - Overzicht - Nepal/Tibet - Volgende |