|
Vorige - Overzicht - Cuba - Volgende Woensdag 18 mei 2005 Of de tijd heeft stilgestaan ... Op de binnenplaats van het resort hebben we ontbeten, waarna we rond negen uur de citytour door Trinidad startte. We wandelden vanaf de heuvel waar het resort lag richting het centrum van Trinidad. Abel gaf ons onderweg uitleg over de gebouwen en de geschiedenis. Trinidad is een karakteristiek oud plaatsje uit de koloniale tijd. Het centrum van Trinidad oogt alsof de tijd heeft stilgestaan. Niet voor niets is Trinidad geplaatst op de lijst van werelderfgoederen van de Unesco. Vanaf de hoogte was het uitzicht op de rood gekleurde daken een ware beleving. We liepen over de – met keien geplaveide – straten naar de Plaza Mayor. Aan dit plein staat de kathedraal van Trinidad en verschillende handelshuizen. Deze handelshuizen zijn nu ingericht als museum. De kathedraal was nog niet geopend, daarom vervolgden we eerst richting de Plaza San Francisco. Hier brachten we een bezoek aan de Iglesia y Convento de San Francisco met de bekende klok van de foto’s uit de reisgidsen. De trap in de klokkentoren was smal en niet al te stevig. Vanaf de klokkentoren hadden we een mooi uitzicht over de stad en vooral de rode daken. Op het plein voor de kerk oefende een bandje en dit maakte de sfeer compleet. Via de smalle straatjes verkenden we de stad verder. Trinidad is helaas erg toeristisch geworden en regelmatig word je op straat aangesproken voor sigaren, beeldjes of kant. Op het centrale plein was de kathedraal inmiddels open. Na de bezichtiging streken we neer op een terras met Afrikaanse muziek uit de slavenperiode. Ook kregen we een cocktail uitgereikt. Daarna wandelden we door de stad om kwamen rond het middaguur bij het lunchrestaurant aan. De specialiteit was hier garnalen. Door het open houten raamwerk werd vanaf de straat van alles aangeboden of gevraagd, en natuurlijk kwam er weer een bandje optreden met CD verkoop. Tot nu toe hebben we praktisch nog geen maaltijd gehad zonder live muziek. Hoe goed bedoeld, het gaat vervelen. Na de lunch gingen de meeste groepsgenoten paardrijden. Met een klein groepje bleven wij in Trinidad. We liepen vanuit het centrum naar de buitenwijken. Hier waren de keitjes vervangen door asfalt, de koloniale huizen meer gewone huizen, geen toeristen meer en vooral ook geen geleur. Gewoon de sfeer van alledag. Al slenterend door de straatjes kwamen we weer terug in het centrum, namen een biertje in een café, hebben ge-internet en wandelde terug naar het hotel. Bij het hotel hadden we vanaf het terras prachtig uitzicht over de stad. Aan het einde van de middag verruilden we deze plek voor het zwembad. Ook de andere groep kwam hier langzaam binnen druppelen. Het bleek dat dit keer Geert bij het paardrijden gevallen was. Hij had een dikke knie en enkele schaafwonden en wat last van zijn pols (en het paard had niets). ’s Avonds was het diner inclusief : een buffet. Het was niet heel bijzonder, maar de vis was wel lekker. Om tien uur liepen we naar het centrum voor een Salsa-avond bij de Kathedraal. Op de stenen trappen bij het terras hadden zicht op de salsaband. Het dansen kwam sporadisch op gang bij de Salsa muziek. Daarna werd omgeschakeld naar Afrikaanse muziek met optredens. Het zelf kunnen dansen bleef hierdoor beperkter dan gehoopt. Rond half één liepen we terug naar het hotelDonderdag 19 mei 2005 Omrijden via Sante Clara Vandaag verlaten we Trinidad. Een grote luxe touringcar – de klein busjes waren niet voorhanden – reed voor bij de receptie. Wij wilden graag langs Santa Clara en het graf van Ché Guevara. Over enkele dagen op de route van Cayo Coco naar Varadero, komen we er praktisch langs, maar er is dan beperkt tijd en ’s maandags is het mausoleum gesloten. Daarom zou Abel proberen vanuit Trinidad het bezoek in te plannen. Dit bleek nog niet eenvoudig. De buschauffeur mocht niet beslissen over langere route. Daarom moest officieel opdracht gegeven worden. Abel nam contact op met zijn agentschap. Zij namen contact op met de busmaatschappij. De busmaatschappij informeerde de agentschap over de meerkosten. Zij informeerde Abel en Abel ons. Wij gingen akkoord en via hetzelfde rondje werd de opdracht per fax bevestigd aan de busmaatschappij, die per mobilofoon de chauffeur instrueerden. En dat alles in zo’n twintig minuten. De bus vertrok naar Santa Clara. Hiervoor moesten we eerst terug naar de snelweg. Normaliter zouden we hier rechtsaf geslagen zijn richting Camagüey, maar voor Santa Clara sloegen we linksaf. De snelweg was breed en leeg. Af en toe waren er stukken nog niet gereed (en er werd ook al jaren niet meer aan gewerkt). Op deze stukken reed het verkeer op één rijbaan. Hier was voldoende ruimte voor. Onderweg begon het voor de eerste keer deze vakantie te regenen. Na ruim twee uur arriveerden we in Santa Clara. Het was nog wel dreigend, maar gelukkig wel droog en maakten we een stadswandeling door het centrum van Santa Clara. Abel liet ons het centrale plein zien rond het Parque Vidal. We wandelden richting het monument ter ere van de overwinning van de opstandelingen. In 1958 lieten de opstandelingen onder leiding van Ché Guevara de trein met regeringstroepen ontsporen en overwonnen zij de troepen. Deze overwinning was de laatste druppel voor de Revolutie. Bij het monument staan nog enkele treinwagons opgesteld met binnenin een klein museum. Even verderop bezochten we het standbeeld van Ché Guevara. Vervolgens reden we met de bus naar het Plaza de la Revolución net buiten de stad. Op het plein is het mausoleum van Ché dominant aanwezig met op de top het ruim twintig meter hoge standbeeld van hem. We bezochten het mausoleum en het nabijgelegen museum met veel foto’s van zijn leven. Terug in het centrum lunchten we met een heerlijke pizza, waarna we op weg gingen voor vier uur rijden naar Camagüey. Het eerste stuk was hetzelfde als de route van ’s morgens maar tegengesteld. Het blijft leuk om het Cubaanse leven onderweg te aanschouwen. Tegen half zeven reden we Camagüey binnen. De bus bracht ons bij het hotel pal tegenover het station. Het hotel was van buiten een statig koloniaal gebouw van rond 1900. Binnen bleek dat de elektriciteit uitgevallen was in de stad. In de lobby kregen we een welkomstdrankje en met een zaklantaarn werden de sleutels van de kamers uitgereikt. Ook kreeg iedereen een kaars mee voor de verlichting op de kamer. Naast een probleem met de elektriciteit, bestaat in Camagüey een structureel waterprobleem. Daarom is het koude water slechts beperkt beschikbaar in de stad, van 06.00 – 09.00, van 12.00 – 15.00 en van 18.00 – 21.00 uur. Warm – maar dan ook echt warm – water is 24 uur per dag beschikbaar. Terwijl de avond langzaam viel, douchten we ons in het schemer en probeerden we het bed alvast uit. Om acht uur was iedereen gewapend met een zaklantaarn weer verzameld om te gaan eten. We liepen door de donkere straatje, waar iedereen op straat zat. In een straatje met een terras op straat, streken we neer. Een kaarsje verlichtte de tafel. Door de stroomuitval was de keuze beperkt tot voornamelijk visgerechten. De laat in de avond bleven we zitten op het terras met af en toe een nieuw biertje. Om half twaalf verruilden we het terras voor de bar in het hotel. Hier ging om half een het licht weer aan en na hier nog op gedronken te hebben gingen we naar onze kamers (met licht)Vorige - Overzicht - Cuba - Volgende |