Vorige - Overzicht - Cuba - Volgende


Maandag 16 mei 2005

Per paard naar de pin-automaat

’s Morgens lekker uitgeslapen tot negen uur. Gedoucht en ontbeten. Om elf uur verzamelden we voor een bezoek aan de nabij gelegen grotten. Via een trap kwamen we in de grot. Het liep langs diverse stalagmieten en stalactieten (maar wat was nu precies wat). Aan het einde van het pad stapten we over in een bootje en voeren we over het ondergrondse watertje langs de rotspartijen. Onderweg kregen we beperkt uitleg over de vormen en welke figuren je met veel fantasie erin kon zien. Voor dat we het wisten voer de boot weer uit de grot en was de tocht voorbij. Al met al was het leuk, maar ook weet niet heel bijzonder. We stapten uit bij bar. Abel stelde voor om paarden te regelen om naar Viñales te gaan om geld te halen. Een leuk idee al had ik nog nooit paard gereden. Met z’n vieren reden we richting Viñales, de anderen kozen voor de taxi. Het remmen en sturen bij het paard had ik snel onder de knie. Het gas geven haperde soms wat. Het paard leek zelf wel uit te maken of hij harder wilde lopen. Onderweg hadden we een prachtig uitzicht over de vallei en de rotspartijen. Na enkele kilometers de weg gevolgd te hebben, sloegen we rechtsaf en reden over zandpaden. Via kleine paadjes kwamen we in een dorpje, waar gepauzeerd werd. We stopten bij een huis waar we mango, ananas en koffie. Ook kregen we een rondleiding door het huis, keuken en omgeving. De koffie was zo sterk dat wij het aanvulden met water, tot grote hilariteit van de bewoners. In de keuken proefden we een soort aardappel, die op het houtsvuur werd bereid voor het avondeten. Daarna stegen we weer op de paarden op weg naar Viñales. Via zandwegen reden we langs de inmiddels gerooide tabaksvelden, reden we door een watertje en langzaam naderde we Viñales. Het paard van Patrick struikelde en viel met Patrick en al. Gelukkig kon hij zich snel uit de beugels los maken en raakte niet gewond (het paard ook niet trouwens). Een beetje geschrokken maar zonder verdere kleerscheuren bereikte we Viñales. Hier lieten we de paarden achter en gingen op zoek naar de bank. De bank was weliswaar snel gevonden, maar het wisselen duurde lang. Het geld werd geteld, geteld en nog een keer geteld. En dat voor maar vijf briefjes. De dame had duidelijk geen plezier in haar werk. Met nieuwe centen op zak liepen we – driekwartier later – streken we neer op een terrasje. Hier namen we een Cuba Libre (of eigenlijk twee). Daarna liepen we nog wat door de hoofdstraat en besloten een taxi te zoeken voor de terugrit. We hadden ons voornemen nog niet uitgesproken en er kwam een man naar ons toe. Hij bood de rit – illegaal - aan naar ons hotel. Na enig onderhandelen tussen 9 en 10 peso (wat ons al veel te veel leek), bracht hij ons voor 9 peso in zijn oude Lada weg. De deuren gingen wat moeilijk open en later, vooral in de bochten juist weer vanzelf. Om de politie te mijden reed hij niet door de hoofdstraat van Viñales, maar achterom. Een leuke sightseeingtour. Terug op de doorgaande weg gebaarde hij mij om mijn zonnebril op te zetten voor de politie. De vraag is of hierdoor niet juist meer de aandacht getrokken zou worden. De chauffeur had haast en reed hard richting ons hotel. Enkele minuten laten arriveerde we heelhuids bij de ingang. Hij probeerde nog tien peso, maar daar trapten we niet in. De groepsgenoten zaten op het terras bij het zwembad. ’s Avonds verzamelden we om acht uur voor het eten. Abel had afgesproken met een man voor een diner bij de Cubanen thuis (zoals gisteren), maar deze man was niet op komen dagen. Daarom liepen we met de gehele groep richting het dorpje van gisteren. Nu kwamen we zonder vooraankondiging en met twee keer zoveel mensen. Abel sprak met wat bewoners en onder een veranda werden tafels ingericht. Net als de vorige dag was het eten voortreffelijk. In verschillende keukens werd ons eten klaar gemaakt en het bier kwam uit het hele dorp. Iedereen leefde mee. Na het eten – goedkoper omdat Abel het rechtstreeks geregeld had – namen we afscheid en wandelden over de donkere weg weer naar ons hotel. Na een afzakkertje bij het zwembad gingen we naar bed.


Dinsdag 17 mei 2005

Om elf uur aan het diner in Trinidad

Vandaag stond een lange reisdag op het programma. Daarom moesten we om negen uur aanwezig zijn (of liever nog eerder). Na het ontbijt stond iedereen gereed, maar de bus was er nog niet. Dus wachten we rond het zwembad, lazen boekjes over Cuba en Trinidad en keken op de televisie naar de rechtstreekse immense demonstratie tegen de VS in Havana. De bus bleek naar het verkeerde hotel gestuurd te zijn aan de kust. Tegen elf uur arriveerde de bus te grote ergernis van Abel. Met twee uur vertraging reden we terug naar Pinar del Rio en via de brede autoweg terug naar Havana. Onderweg was weinig verkeer, soms een vrachtwagen, een paard-met-wagen en fietsers. Voor Havana maakten we een koffiestop. ’s Middags reden we door vanaf Havana richting Trinidad. De weg was hier zelfs nog breder en met nog minder verkeer. Een vreemde ervaring. De weg was echter niet vrij van kuilen en afval op de weg. De rechter voorband ha het hier moeilijk mee en raakte lek. Langs de kant van de snelweg werd de band verwisseld. Door al het oponthoud arriveerde we pas na vieren bij een lunchrestaurant. Deze bleek inmiddels gesloten. Op weg naar de Varkensbaai probeerden we een volgend restaurant. Ook gesloten. Het derde restaurant was al gesloten, maar liet ons toch binnen. Hier hebben we de plaatselijke specialiteit gegeten: Krokodil. Na de lunch – tegen vijven – brachten we ironisch genoeg een bezoek aan de naastgelegen Krokodillenfarm. Deze farm zet zich in voor de bescherming van de krokodillen. Inmiddels is het aantal voldoende toegenomen, waardoor het vlees ook op het menu kan staan. We vervolgenden onze route richting de Varkensbaai (Bahia de Cochinos . In deze baai probeerden de Cubaanse ballingen gesteund door de Amerikanen in 1961 een invasie in Cuba. Onderleiding van Castro werd deze aanval binnen 48 uur succesvol afgeslagen en ruim 1.000 ballingen werden gevangen genomen. Helaas was het al laat en was er geen tijd om even te stoppen. De bus reed vanaf de baai richting Cienfuegos. Onderweg maakte de chauffeur er een spel van de overstekende krabben te ontwijken. Vooral in juli is de weg bezaaid met de krabbentrek. Rond zeven uur arriveerden we in Cienfuegos. Eerst reden we door naar de baai. Volgens Abel is dit de mooiste baai van het Caribische gebied (volgens ons niet). We bezochten het Palacio Valle, vanwaar we een mooi uitzicht over de baai hadden met de ondergaande zon. Terug op de Prado, de winkelboulevard van Cienfuegos, stapten we uit en maakten een wandeling door de stad. Vanaf de Prado liepen we richting het centrale plein. Cienfuegos herbergt vele koloniale gebouwen. Op het centrale plein is het stadhuis dominant aanwezig en in de schemer fraai uitgelicht. Tot half negen konden we door het centrum van Cienfuegos wandelen en daarna startte de laatste etappe naar Trinidad. Het was ondertussen al donker geworden en de meeste van ons gebruikte deze tijd om even bij te slapen. Net na tien uur reden we Trinidad binnen. Het diner bij het hotel was al opgeruimd – ondanks dat Abel gebeld had dat we later zouden arriveren – en om snel te kunnen eten namen we genoegen met een uitgebreide sandwiches en een drankje van de zaak. We aten uiteindelijk om elf uur. In de bar namen we nog een drankje en na middernacht zochten we de appartementen op. De koffers hadden al die tijd bij de receptie gestaan. Dit bleek nog niet mee te vallen om de appartementen te vinden in het donker. Het appartement G-2 was een groot appartement met balkon, zithoek en een zeer breed tweepersoonsbed. Prima om in slaap te vallen.



Vorige - Overzicht - Cuba - Volgende