Vorige - Overzicht - Litouwen/Letland/Estland/Rusland Volgende


Maandag 26 juli 2010

Op de Waterburcht van Trakai

Het is bewolkt en het heeft vannacht flink geregend. Bij de bus ontmoet ik Juozas. Juozas is onze chauffeur voor de komende dagen. Hij blijft bij ons tot Tallinn. Om negen uur start hij de bus en rijden we weg bij het hotel. Eerst rijden we langs de prachtige Petrus en Paulus Kathedraal. De Kathedraal is in 1676 gebouwd in plaats van een houten kerk. De kerk heeft een barokke interieur. Meer dan 2000 afbeeldingen van bijbelse figuren. Het is opvallend dat de overheersende kleur wit is. Hierdoor straalt het drukke interieur toch ook rust uit.
De Waterburcht van Trakai.
We rijden in ongeveer een uurtje door naar het plaatsje Trakai. Als we door de hoofdstraat rijden, vallen de fel gekleurde houten huizen op. Je zou toch verwachten dat houten huizen het zwaar te verduren hebben in de koude winters. Trakai is echter vooral beroemd om de Waterburcht. Net aan het einde van het dorpje, zie ik de burcht al liggen op het eiland tussen de meren Galve en Luka. De burcht is in 1321 gebouwd en nam een belangrijke plaats in in de toenmalige hoofdstad van Litouwen, Trakai. Hoewel het kasteel in de loop der eeuwen behoorlijk beschadigd is geraakt, is het geheel gerestaureerd. Helaas kun je wel heel goed zien welke delen nieuw opgebouwd zijn en wat behoort tot het oorspronkelijk kasteel. Als ik over de houden brug het kasteel binnen loopt, bemerkt ik tot mijn plezier dat de oude sfeer van vroeger bewaard is gebleven. We lunchen vandaag zo’n honderd kilometer verderop in Kaunas. Een gezellig stadje al ontstaan 1361 aan de oevers van de Nemunas en de Neris. Het oude centrum telt vele historische gebouwen. We lopen de robuuste Sint Petrus en Paulus Basiliek binnen. De kathedraal is in een combinatie van renaissance en barok gebouwd. Vooral het hoogaltaar achterin is prachtig met de apostelen. We steken het Raadhuisplein over en lopen langs het raadhuis. Het raadhuis staat als een ‘zwaan’ te pronken midden op het plein. We lopen door naar de Sint Fransciscuskerk, ook aan het plein gelegen. De kerk is tijdens de Russische bezetting gebruikt als sporthal en zwaar beschadigd. Het interieur is dan ook sober. Even verderop aan de rivier de Nemunas, ligt de Vytautas kerk. Deze bakstenen kerk is helaas gesloten. Hier schuin tegenover ligt het Perkünashuis. Dit uit rode bakstenen opgetrokken gotisch vormgegeven huis is tegenwoordig in gebruik door de Jezuïeten. Zij stellen het beschikbaar aan kunstenaars. Als ik naar binnen stap, blijkt een rondleiding 2LT (60 cent) te kosten. Een student leidt ons rond door de kelder en de voormalige slaapkamers van het huis. Ik moet even wennen aan het Engelse dialect. Zo te horen heeft hij het praatje uit zijn hoofd geleerd en zijn sommige woorden verbasterd.
Het Perkünashuis in Kaunas.
Hij heeft ook duidelijk meer moeite met het beantwoorden van enkele vragen. De rondleiding eindigt bij de statige deur op de eerste verdieping. Als de hoge deur weer achter ons dicht gaat, verlaten wij het huis via de hoge trap die naar deze voordeur leidt. Een eenvoudige, maar leuke rondleiding. Via de Heilige Drie-eenheidkerk aan het plein (gesloten), lopen we via het kasteel weer terug naar de parkeerplaats waar de bus ons op pikt. Het is inmiddels licht gaan regenen. Net buiten Kaunas bezoeken we de indrukwekkende gedenkplaats van de overledenen van de tweede wereldoorlog. Ook de vele Joden die hier om het leven zijn gekomen worden herdacht. Een groot betonnen monument herinnert aan de slachtoffers. Het miezerige weer heeft iets toepasselijks op deze locatie. Terug in de bus, bergen we de natte paraplu’s op en rijden ruim 200 kilometer door richting Klaipèda. Het landschap onderweg is vooral groen van akkers en bossen. Het valt mij op dat er eigenlijk maar weinig huizen langs de route staan. Dit maakt het landschap wat eentonig. Ik sluit mijn ogen. Rond zes uur ben ik weer wakker. We rijden Klaipèda binnen. Juozas rijdt de bus door richting de haven. Hier pakken we de veerboot naar het schiereiland Koerse Schoorwal. Vanuit het Russische Kaliningrad loopt het bijna 100 kilometer lange eiland omhoog. Nergens is het schiereiland breder dan vier kilometer. De overtocht duurt slechts vijf minuten. We rijden door richting het plaatsje Nida, zo’n veertig kilometer verderop. Nida ligt het dichtst bij de grens met Kaliningrad. Net voorbij Juodkranté stoppen we bij de Dode Duinen. Via een zandpad komen we bij een zandduinen gebied. Op de duinen ligt een grauwe gloed van mossen. Hierdoor hebben de duinen hier de bijnaam de ‘Dode Duinen’. Ik volg het pad omhoog en klim helemaal naar de top. Hiervandaan heb ik een prachtig uitzicht over de Koerse Haf, het binnenmeer tussen het schiereiland en de Litouwse kust. Ik blijf niet te lang kijken, want de chauffeur is gebonden aan zijn rijtijden. Enige haast is geboden. Precies om acht uur parkeert Jouzas de bus op het parkeerterrein van het hotel in Nida. Hij mag niet meer rijden volgens de Litouwse wet. Gelukkig houdt hij zich hier strikt aan. Het hotel ligt in het centrum van Nida. ’s Avonds eten we op het terras van een visrestaurant aan de boulevard.



Vorige - Overzicht - Litouwen/Letland/Estland/Rusland Volgende